Deal Platform

Welke zekerheden bestaan er naast een hypotheek?

Kort antwoord

Bij een vastgoedgedekt krediet is de hypotheek de hoofdzekerheid, maar zelden de enige. Kredietgevers vragen daarnaast bijvoorbeeld een persoonlijke borg van de zaakvoerder, een pand op roerende goederen of op de handelszaak, een rentedepot, een verzekering of een tweede onderpand. Welke nodig zijn, hangt af van hoe sterk het dossier op zichzelf staat.

4 min leestijd

Waarom vraagt een kredietgever meer dan een hypotheek?

Omdat een hypotheek pas helpt als het al misgelopen is, en dan traag. Een verkoop via de notaris kost tijd en geld, en brengt soms minder op dan verwacht. Andere zekerheden werken op een ander moment. Sommige maken een betalingsprobleem minder waarschijnlijk, andere houden de rente betaald tijdens een moeilijke periode of geven de schuldeiser een tweede bron om een tekort te verhalen. Welke erbij passen, hangt af van hoe een vastgoedgedekt krediet in elkaar zit.

Wat houdt een persoonlijke borg van de zaakvoerder in?

Met een borgstelling belooft de zaakvoerder dat hij de schuld van zijn vennootschap zelf betaalt als die in gebreke blijft. De schuldeiser kan hem dan aanspreken op zijn eigen vermogen, tot het bedrag waarvoor hij zich borg stelde. Bij een vastgoedgedekt krediet speelt de borg vooral als de verkoop van het pand niet volstaat om alles terug te betalen.

Een borg heeft daarnaast een signaalfunctie. Een ondernemer die persoonlijk mee tekent, staat achter zijn plan en heeft er alle belang bij dat het krediet terugbetaald wordt. Bij een dossier met een lage LTV is dat vaak de belangrijkste betekenis ervan.

Welke zekerheden bestaan er op roerende goederen?

Naast het gebouw kan een kredietgever ook roerende goederen in pand nemen, in de juridische betekenis van het woord: de handelszaak, voorraden, machines of de aandelen van de vennootschap. Een pand op de handelszaak wordt bijvoorbeeld geregistreerd in het nationaal pandregister van de FOD Financiën. Door die registratie kan de schuldeiser het pand tegenwerpen aan derden.

Een andere mogelijkheid is een verpanding of overdracht van de huurinkomsten van het pand. Betaalt de kredietnemer niet, dan kan de kredietgever de huurders op de hoogte brengen en de huur rechtstreeks bij hen innen. Dat is vooral nuttig bij een opbrengsteigendom, waar de huur de rente kan dragen.

Hoe beschermen een rentedepot en een verzekering de rente?

Een rentedepot is een bedrag dat bij de start opzij gezet wordt om de rente van een aantal maanden te betalen. Loopt de cashflow van de onderneming tijdelijk terug, dan wordt de rente voor die periode toch betaald. Voor de terugbetaling van het kapitaal speelt een depot geen rol.

Een verzekering kan de rente of het krediet dekken bij bepaalde gebeurtenissen, zoals het overlijden van de zaakvoerder. Kredietgevers eisen doorgaans ook dat het pand verzekerd blijft tegen brand, zodat er bij schade een vergoeding tegenover het onderpand staat.

Wat doet een tweede onderpand?

Een tweede pand vergroot de waarde achter het krediet en verlaagt zo de LTV. Het helpt ook als het eerste pand minder courant is en bij een verkoop moeilijker een koper vindt. Op elk pand wordt dan een hypotheek genomen. Hoe de LTV over meerdere panden berekend wordt, staat bij wat een veilige LTV is.

Welke afspraken in het contract beschermen de kredietgever?

Een kredietovereenkomst bevat naast zekerheden ook verplichtingen voor de kredietnemer. Veel voorkomend zijn de belofte om het pand niet verder te bezwaren of te verkopen zonder akkoord, en de plicht om jaarcijfers en belangrijke gebeurtenissen te melden. Wie die afspraken ernstig schendt, riskeert dat het krediet in één keer opeisbaar wordt. Zo ziet de kredietgever een probleem vroeger aankomen en kan hij ingrijpen voor het uit de hand loopt.

Welke zekerheden gebruikt Lender?

Elk dossier bij Lender heeft een hypotheek in eerste rang, ingeschreven ten voordele van de investeerders, en de zaakvoerder tekent mee in eigen naam en in naam van de vennootschap. Lender financiert doorgaans tot 65% van de waarde van het onderpand, en grotere kredieten worden vaak door meerdere onderpanden gedragen.

Draagt de cashflow de rente niet, of is het vastgoed minder courant, dan financiert Lender een lager deel van de waarde en komen er zekerheden bij: een rentedepot, een deel of het geheel van de rente mee gefinancierd, een extra verzekering voor de rentes, of iets op maat van het dossier. Ook een LTV die uitzonderlijk boven 65% ligt, gaat samen met bijkomende zekerheden.

In dossiers waarin Lender de opvolging op zich neemt, betaalt een waarborgfonds de rente door zolang een betalingsprobleem loopt. Dat fonds is geen kapitaalgarantie, en de precieze voorwaarden staan in de dossierafspraken. Wat in een dossier geldt, staat in de dossierfiche (zie investeren).

Bronnen

  1. Veelgestelde vragen over het nationaal pandregister, FOD Financiën

Dit is algemene informatie en geen beleggings-, fiscaal of juridisch advies. Elke belegging draagt risico, ook een krediet met vastgoed als onderpand. Twijfelt u, vraag dan raad aan uw eigen adviseur.