Hoe belegt u vanuit uw vennootschap?
Kort antwoord
Een vennootschap belegt pas wat ze de komende jaren niet nodig heeft voor werkkapitaal, belastingen, aflossingen en investeringen. Wat dan overblijft, kan in grotendeels dezelfde producten als bij een particulier. Investeert de vennootschap bij Lender, dan wordt geen roerende voorheffing ingehouden: de rente komt bruto binnen en valt onder de vennootschapsbelasting. Wat dat netto betekent, rekent uw boekhouder uit.
Welke middelen heeft de vennootschap zelf nodig?
Alles wat ze de komende jaren voor haar werking nodig heeft, en dat zet ze op een rij voor er iets belegd wordt. In die kasplanning staan het werkkapitaal voor lopende betalingen, de vennootschapsbelasting en de voorafbetalingen, de aflossingen van bestaande kredieten en de investeringen die gepland zijn. Daarbovenop komt een reserve voor een minder goed jaar. Pas wat daarna overblijft, is belegbaar.
Geld dat in een krediet van 12 tot 60 maanden zit, kan de vennootschap tot de vervaldag niet gebruiken, en een kredietnemer kan later terugbetalen dan gepland. Wat zulk geld dat niet beschikbaar is voor een belegger betekent, staat bij de risico’s van private credit.
Waarin kan een vennootschap beleggen?
In grotendeels dezelfde producten als een particulier. Veel vennootschappen hebben geld op de rekening staan dat ze voor hun werking niet nodig hebben: winsten van vorige jaren, de opbrengst van een verkocht pand, of een reserve die groter werd dan gepland. Dat geld kan op een spaar- of termijnrekening, in obligaties of fondsen, in vastgoed of in kredieten aan andere ondernemingen. Of een belegging past binnen uw vennootschap en hoe ze in de boekhouding komt, bekijkt u met uw boekhouder.
Hoe wordt rente in een vennootschap belast?
Rente die de vennootschap ontvangt, telt mee in haar winst, en op die winst betaalt ze vennootschapsbelasting. Het standaardtarief is 25%. Kleine vennootschappen die aan de voorwaarden voldoen, betalen 20% op de eerste € 100.000 winst. Of uw vennootschap aan die voorwaarden voldoet, weet uw boekhouder.
Bij Lender wordt op rente aan een vennootschap geen roerende voorheffing ingehouden. De rente komt bruto op de rekening van de vennootschap en wordt daar verwerkt zoals elke andere opbrengst. Hoe dat zich verhoudt tot de belasting voor een particulier, staat bij de belasting op private credit.
Wat is het verschil met privé beleggen?
Het moment waarop en de manier waarop de belasting valt. Een rekenvoorbeeld van de ontvangen rente, vóór de uiteindelijke fiscale afrekening: € 200.000 tegen een contractuele rente van 8% per jaar, bij volledige en tijdige betaling, zonder kosten.
| Privé | Via de vennootschap | |
|---|---|---|
| Brutorente per jaar | € 16.000 | € 16.000 |
| Roerende voorheffing ingehouden | € 4.800 | € 0 |
| Ontvangen op de rekening | € 11.200 | € 16.000 |
De tabel toont wat er binnenkomt, en niet wat u na belasting overhoudt. Voor een particulier is de roerende voorheffing in de regel de definitieve belasting op die rente. Voor de vennootschap is de € 16.000 nog niet belast: ze telt mee in de winst van het jaar, en daarop volgt de vennootschapsbelasting van 20 of 25%. Wilt u het geld later naar privé halen, dan is dat een aparte stap met eigen fiscale gevolgen.
Welke weg na alle belastingen het meest overlaat, hangt af van de cijfers van uw vennootschap en van wat u later met het geld wilt doen. Dat rekent uw boekhouder of fiscalist uit.
Hoe investeert een vennootschap bij Lender?
Op dezelfde manier als een particulier. U registreert zich als investeerder, ontvangt nieuwe dossiers per mail en beslist per dossier of u via de vennootschap instapt. De minimale inleg is € 100.000 per dossier. Elk dossier is een zakelijk krediet aan een Belgische onderneming, met een hypotheek in eerste rang op vastgoed. Hoe dat werkt, staat bij wat een vastgoedgedekt krediet is.
De rente komt bruto binnen, maandelijks of vooraf naargelang het dossier, en het kapitaal is verschuldigd op de vervaldag. De dossier- en notariskosten verschillen per dossier en staan vooraf becijferd in de dossierfiche. Op het portaal vindt u de rentetabellen, de documenten en een jaarlijks fiscaal overzicht dat u aan uw boekhouder kunt bezorgen.
Wat vraagt u aan uw boekhouder?
Een paar vragen maken het gesprek concreet:
- Welke middelen heeft de vennootschap de komende jaren nodig, en wat blijft er over?
- Aan welk tarief betaalt ze vennootschapsbelasting?
- Hoe verwerkt u ontvangen rente en een uitgeleend kapitaal in de boekhouding?
- Is privé of via de vennootschap beleggen gunstiger, gelet op hoe u het geld later wilt gebruiken?
Bronnen
Dit is algemene informatie en geen beleggings-, fiscaal of juridisch advies. Elke belegging draagt risico, ook een krediet met vastgoed als onderpand. Twijfelt u, vraag dan raad aan uw eigen adviseur.
Lees ook
← Alle vragen- Wat doe ik met mijn vermogen?Welke alternatieve beleggingen zijn er in België?In België kunt u buiten de spaarrekening en beursaandelen onder meer beleggen in obligaties en staatsbons, vastgoed, crowdfunding, private equity en private credit. Die vormen verschillen in wat u bezit, van een pand tot een fondsdeel of een schuldvordering, en in hoe snel u aan uw geld kunt. Welke vorm past, hangt af van uw doel, uw termijn en de buffer die u beschikbaar wilt houden.
- Private creditHoe wordt rente uit private credit belast in België?Ontvangt u als particulier rente uit een privaat krediet, dan is daarop in België roerende voorheffing verschuldigd, met als standaardtarief 30%. Belegt u via een vennootschap, dan houdt Lender geen voorheffing in: de rente komt bruto binnen en valt onder de vennootschapsbelasting. Laat uw eigen situatie nakijken door uw boekhouder of fiscalist.
- Wat doe ik met mijn vermogen?Wat doet u met uw vermogen na de verkoop van uw bedrijf?Na de verkoop van een bedrijf staat er in één keer een groot bedrag klaar, privé of in een holding. Het hoeft niet meteen belegd te worden. Het kan eerst op een rekening wachten terwijl u uitzoekt waar het fiscaal zit en wat het moet doen: u een inkomen geven of verder groeien. Daarna verdeelt u het over bouwstenen, samen met uw vermogensbeheerder, boekhouder of fiscalist.
- Wat doe ik met mijn vermogen?Hoe belegt u € 250.000?Hoe u € 250.000 belegt, hangt af van uw doel, van de buffer die u beschikbaar wilt houden en van wanneer u het geld nodig hebt. Daarna vergelijkt u spaar- en termijnrekeningen, obligaties, aandelenfondsen, vastgoed en private credit op risico, kosten en beschikbaarheid. Eén krediet van € 100.000 is al 40% van dat bedrag. Hoe u verdeelt, beslist u zelf, eventueel met uw adviseur.